Gisteren schreef ik in mijn blog over mijn Indische wortels, vandaag wil ik het hebben over de Indische uitlopers binnen onze familie.

Het is wonderlijk, maar binnen mijn Indische familie slaan de gelijkenissen tussen familieleden altijd minstens een generatie over. Wanneer er in onze familie een kind geboren wordt, is het dus altijd weer een verrassing hoe hij eruit zal zien en op wie zij zal lijken.

Zo kreeg mijn zus – donker Aziatisch haar en bruine ogen – 3 hoogblonde baby’s die inmiddels wat zijn bijgekleurd. Terwijl bij mijn neef – blond haar in een Indisch gelaat –  baby’s met bruin haar en bruine ogen geboren werden.

Ook mijn eigen blauwe ogen heb ik niet van mijn ouders gekregen, maar van mijn grootvader Jan Kopijn: zoon van de blauwogige West-Friese Lieuwe Kopijn, die begin 20e eeuw naar Indië was vertrokken om 24 jaar later te sneuvelen, mijn opa en zijn broers en zus vaderloos achterlatend.

Maar daarover een andere keer. Vandaag wil ik het hebben over mijn jongste zoon Noah. Ik weet nog goed hoe we met zijn allen verwonderd over zijn (door mij provisorisch ingerichte) wieg hingen om hem van dichtbij te aanschouwen. Wat een wolk van een baby!

Gitzwart haar, een prachtig gevormde mond, rode wangetjes en twee grote bruine ogen die Chinese trekken leken te hebben, maar toch ook iets weg hadden van de amandelvormige ogen van zijn vader, kind van een Souss Berberse moeder en een vader wiens afkomst ik nog na moeten trekken, maar die waarschijnlijk Saharien en Senegalees bloed in zich droeg (God hebbe zijn ziel). Mijn mooie, lieve Marokkaans-Nederlands-Indische kind, op wie leek hij nu?

Lang bleef het een raadsel – totdat hij begin dit jaar de puberteit bereikte en een nieuwe bril nodig had. Ik nam hem mee naar de plaatselijke brillenwinkel om een jaren zestig model uit te zoeken.

Hij zette de bril op zijn neus en opeens stond daar mijn vader voor me! En zo vond het raadsel zijn eenvoud: mijn zoon is een kind van zijn opa!

 

Ga naar Antara Nusa Campagne

 

 

Facebook Comments

Tagged with: